Oops! It appears that you have disabled your Javascript. In order for you to see this page as it is meant to appear, we ask that you please re-enable your Javascript!

Stadsprins van 1987 Jan Klein kijkt terug op zijn regeerperiode

Deel 1 ‘Mijn vrouw zei: als je ooit weigert om Jocusprins te worden, ga ik van je scheiden’

Met het thema van deze maand slaan wij bij Venloos Verleden twee vliegen in één klap. Vanzelfsprekend kunnen we rond deze tijd van het jaar niet om de Vastelaovend heen, maar tevens komt de legendarische sneeuwwedstrijd van (toen nog) FC VVV tegen Ajax van 15 februari 1987 aan bod. De reden voor deze combinatie? Stadsprins van Jocus in dat jaar was Jan Klein. Hij verrichte bij deze historische wedstrijd de aftrap. Deze wedstrijd werd gespeeld op de dag nadat hij op het Hofbal was uitgeroepen als Prins Jan IV.

LVF_021220150007

Jan klein kijkt terug op zijn regeerperiode

In het eerste deel vertelt hij over zijn ervaringen tot aan het uitroepen op het Hofbal van 1987. Anno 2015 vertellen stadsprinsen hun verhaal uitgebreid in de media. Maar hoe verliep dit spel in het verleden? Hoe bepaalde Vors Joeccius XI toen zijn keuze en hoe lastig was het voor de prins van Jocus om het grootste stadsgeheim stil te houden? Deze zaken komen vandaag aan bod. In deel twee blikken wij met Jan Klein terug op het Hofbal en de dag van de wedstrijd. In het slotstuk komen een aantal spelers van toen aan bod die vertellen hoe zij deze sneeuwwedstrijd ervaren hebben.

Eerste afspraak

Het is vrijdag 12 december 1986 als Jan Klein in zijn sportzaak een telefoontje krijgt van Joep Schreurs, toen Vors Joeccius XI van Jocus. “Hij wilde met mij praten over een gezamenlijk sporttenue voor het team van de enveloppenfabriek waar hij toen lid was van de directie, “zo weet Klein zich te herinneren. “Wij maakten een afspraak voor die avond. Zelf stond ik eigenlijk nergens bij stil.” Het was zijn vrouw Peti die direct argwaan had. “Hebben we het over dé Joep Schreurs? Jij gelooft echt dat hij je daarvoor vraagt?” Op dat moment gingen ook bij Jan zelf een aantal lampjes branden. “Peti en ik hadden het er wel eens over gehad en mijn naam was ook al eens genoemd om prins te worden. Door de opmerking van mijn vrouw ging ik nadenken. In 1987 bestond onze zaak, ooit gestart door mijn vader Piet, 40 jaar. Wij keken elkaar aan, maar zeiden er vervolgens niets meer over.”

Stotterend

Die avond vertrok Klein naar de woning van de Vorst. “Joep Schreurs was voor mij toen al een persoonlijkheid. De manier waarop hij zich presenteerde op het podium; fantastisch. Het was een statige man met veel allure. Zijn zoon, Joep Junior, had echter bij ons in de winkel stage gelopen en die vertelde dat zijn vader stotterde op de momenten dat hij nerveus was. Ik kon mij daar echter niets bij voorstellen.” Toen Klein die avond aanbelde bij Schreurs en deze de deur openmaakte klonk het stamelend: “G G G Go Go Gooj Goojenaovend hiër Klein.” De Vorst klonk nerveus. “Op dat moment wist ik genoeg,” aldus de aanstaande stadsprins. In eerste instantie praten de heren over van alles: de winkel, Jocus, VHC, FC VVV en nog veel meer alledaagse zaken. Plotseling veranderde Joep Schreurs het onderwerp. “Jan, je weet dat er gedurende het jaar twee soorten bloed door mijn lijf stromen. Mijn reguliere bloed, maar ook mijn Vastelaovesblood. Daarom vraag ik je nu op de man af: wil jij stadsprins van 1987 worden?” Op dat moment leek de grond onder de voeten van Jan Klein weg te zakken. Schreurs voegde er ter bevestiging nog aan toe: “Die showmodellen sportkleding kun je dus in de tas laten zitten.”

Motivatie

00840022

Prins Jan IV (Foto Kino Linders)

Klein zou de eerste prins van Jocus worden die het predicaat IV met zich mee mocht dragen. Na Jan Drost (1956), Jan Geeraedts (1964) en Jan Smeets (1966) zou Jan Klein dus als Jan IV door het leven gaan. “Eigenlijk wilde ik direct mijn vrouw bellen om te vragen wat zei er van vond, maar heel stiekem wist ik het antwoord al. Ooit zei ze tegen mij: als ze jou als prins van Jocus vragen en je weigert, is dat voor mij een reden om te gaan scheiden. Ik wist dat ze er volledig achter zou staan. Maar toch vroeg ik aan Joep Schreurs bedenktijd. Wat zou het allemaal betekenen voor mij, mijn vrouw, de kinderen, de zaak en de financiën?” Klein was benieuwd hoe Vors Joeccius XI tot deze keuze was gekomen. Het antwoord was duidelijk. “In september ga ik altijd met mijn vrouw op vakantie,” zo vertelde Schreurs toen. “Dan leg ik haar mijn potentiële drie kandidaten voor en vraag wat zij er van vind. Mijn volgorde volgorde staat dan al vast en vaak blijkt zij op één lijn met mij te zitten.” Schreurs legt de definitieve keuze vervolgens verder uit. “Ik volg je al een tijdje. Je bent een man die houdt van gezelligheid. Je bent ondernemer, organiseert al jarenlang de Schinkemerret en bent lid van Joekskapel ’t Hetje. Dan bezit je alle facetten om een fantastische prins te zijn.” Klein zelf herinnert zich nog een aantal van zijn voorgangers. “Het was de periode dat ondernemers uit de binnenstad prins van Jocus werden. Voor mij hadden John Bartels, Theo Lamberts en Hay Ebus de eer.”

Glorieuze wandeltocht

De avond bij Joep Schreurs verliep vervolgens dusdanig gezellig dat Klein besloot dat het beter was om de auto te laten staan en te voet naar huis te gaan. Het werd zijn eerste glorieuze wandeltocht door het centrum van Venlo. Al was alles nog geheim. “Ik liep inderdaad bijzonder vrolijk huiswaarts, kwam een aantal bekenden tegen, groette iedereen vriendelijk en dacht met een grote lach op mijn gezicht: jullie moesten eens weten. Ik zweefde. Toen ik thuis kwam, was mijn vrouw nog in gesprek aan de telefoon. Dat gaf mij de gelegenheid een Vastelaovesplaat uit de kast te halen, deze op te zetten en een glas wijn in te schenken. Peti had het direct door, beëindigde het gesprek en kreeg een grote glimlach op haar gezicht. Die nacht heb ik van nervositeit nauwelijks geslapen.”

Adjudant Hay

Jan Klein had twee maanden de tijd om alles te regelen. Het belangrijkste was natuurlijk het uitzoeken van zijn adjudanten. Die keuzes stonden snel vast: Hay van Went en John Jansen kregen medio december 1986 bezoek van Klein. Van Went had de eer om als eerste gevraagd te worden. “Ik ga je iets vertellen en ik ga je iets vragen,” zo startte hij zijn betoog bij het bezoek aan het reclamebureau van zijn toekomstig adjudant. “Je zit namelijk tegenover de stadsprins van Jocus voor het komend jaar.” Van Went viel vanzelfsprekend om van verbazing, maar Klein vroeg hem niet direct om adjudant te worden. “Ik wil namelijk met jou de gadgets doornemen. Posters, medailles et cetera. Daar heb ik een heel gesprek met Hay over gevoerd en hij had niets door.” Klein beëindigde het gesprek, stond op pakte zijn jas en zei: “Oh ja er is nog iets. Als ik daar dan zo sta, word ik door twee personen geflankeerd. Voor één van die twee plekken heb ik jou in gedachten.” Van Went viel stil, zakte terug in zijn stoel en zei: “Maak je nu flauwekul?” Klein adviseerde hem om het met zijn echtgenote te bespreken en dan pas een besluit te nemen. De bevestiging volgde snel.

Adjudant John

Ook bij zijn tweede adjudant John Jansen zette Jan Klein een soortgelijk toneelstukje op. Hij bezocht hem op zijn schildersbedrijf in de Heutzstraat. “Zijn broer zat echter in dezelfde ruimte en die kon ik er natuurlijk niet bij hebben. Ik moest wel iets verzinnen.” Beide heren waren lid van dezelfde kegelclub en Klein verzon ter plekke dat hij eigenlijk geen zin meer had om nog langer mee te gaan met het jaarlijkse uitstapje. “Het is ieder jaar hetzelfde,” zo zei hij. “Tot mijn verbazing reageerde John vol begrip. Uiteindelijk kon ik hem de ware reden van mijn bezoek pas vertellen toen we naar buiten liepen. Wij zijn samen in mijn auto gaan zitten en ik vroeg hem om advies. John was twee jaar eerder prins van De Wien geweest. Hij kon mij als toekomstig prins van Jocus vast goede raad geven. Ook hij had niets door wat mijn echte vraag zou zijn. John bleef doorgaan met zijn ervaringen totdat ik riep: stop John, ik heb twee steunpilaren nodig. Wil jij één van mijn adjudanten worden? Hij viel bijna uit zijn stoel.”

Geheim

De twee maanden tot het Hofbal wist Klein het grote stadsgeheim ook echt geheim te houden. “Joep Schreurs zou mij natuurlijk vaak moeten bellen. Samen spraken we af dat hij zich in de zaak zou melden als Joop Peeters uit Baarlo. Anders zou het personeel van de sportzaak argwaan krijgen.” Een aantal personen werd vervolgens in het complot betrokken: tekenaar Piet Camps, Gijs van den Broek en Wiel Boitelle voor de kleding, Hay Cuijper als Chef du Protocol en Baer van der Meij die de proclamatie zou verzorgen. “Toen Baer het hoorde riep hij meteen: Jan, dit had je vader Piet nog mee moeten maken. Die had tien dagen de winkel gesloten.”

In deel 2 van dit verhaal komen de ervaringen rondom het Hofbal aan bod plus het bezoek van Prins Jan IV en zijn adjudanten aan de wedstrijd FC VVV tegen Ajax; die legendarische sneeuwwedstrijd.

Fotografie: Leon Vrijdag
Tekst: Rob Buchholz

[su_spacer]

Plaats een reactie

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.