Oops! It appears that you have disabled your Javascript. In order for you to see this page as it is meant to appear, we ask that you please re-enable your Javascript!

Feel the 50’s in Venlo

Deel 2: ‘Van mijn drie procent vakantiegeld dacht ik de hele Parade te kunnen kopen’

Het Feel the 50’s Festival zal dit weekend veel nostalgische gevoelens bij diverse mensen oproepen. Diverse Venlonaren die dit decennium bewust hebben meegemaakt vertellen er speciaal voor deze website over. In deel 2 is het de beurt aan Hayke Theuerzeit en Henk van Hoften. Laatstgenoemde maakte als tiener dit decennium heel bewust mee. Theuerzeit beleefde dit tijdperk vooral gedurende zijn kinderjaren.

Hayke groeide in de jaren 50 op aan het Schriksel onder aan de Maas. Met veel plezier kijkt hij terug op zijn kinderjaren. “Het was de periode van de wederopbouw in Venlo en wij hadden alle gelegenheid om kattenkwaad uit te halen. Er was veel plek om te spelen. Ook op plaatsen waar dat niet toegestaan was, zoals op de zeilen van Peters-Van Oyen. Want we deden alles wat niet mocht. We klommen op de hijskraan. Dan was het wachten totdat de politie kwam.”

Kattenkwaad

Theuerzeit geniet duidelijk als hij terugkijkt op die tijd. “Het was bij ons altijd gezellig. Mijn ouders hadden een viswinkel en stonden op zaterdag op de markt. Dan mochten wij meehelpen. Pap en mam hadden zes kinderen op de wereld gezet. De oudste werd al in 1933 geboren en telkens zaten er een paar jaren tussen. Mijn zus is nog zes jaar jonger dan ik. Zelf was hij nog te jong om al op stap te gaan, maar er waren wel voldoende cafés onder aan de Maas die Theuerzeit zich nog herinnerd. “Aan het Schriksel zelf was bijvoorbeeld café Snelle, maar natuurlijk kwamen wij nergens binnen. Daar kwamen de stadstypes als Krökke Jeu, Baer de Proezel en Baer Hendrix. Als er gevochten werd en de politie kwam, stonden wij natuurlijk wel vooraan. Maar omdat we als kleine snuiters de cafés niet in mochten, haalden we nog meer kattenkwaad uit. Voetballen op het plein bij de Martinusschool en dan mikken op de ramen. Tot ergernis van docenten en broeders. Ja wie had je toen allemaal? De Staekbaer, Broeder Benedictus, Mijnheer de Lange, Broeder Laurentius en ga zo maar door. Verder luisterde ik in de jaren 50 wel naar de popmuziek uit die tijd. We kochten platen bij Kwak van bijvoorbeeld Cliff Richard. Dat was toen echt een grote ster waarvan tevens een poster op mijn kamer hing. “

LVF_081520150002Jongensclub

Het ouderlijk huis van Henk Van Hoften stond niet ver van de woning van de familie Theuerzeit. Maar omdat Piusgebouw door de bombardementen uit de Tweede Wereldoorlog grotendeels verwoest was, moest het gezin noodgedwongen verhuizen naar de Keltenstraat; een zijstraat van de Mercatorstraat. Aan het begin van de jaren 50 was Van Hoften een jonge tiener. Het belangrijkste vertier vond hij bij Jocus Toekoms en de Jongensclub Sint Martinus in het patronaatsgebouw aan de Noord-Binnensingel. “Nee, die club was toen nog niet in het Weishoes gevestigd. Er kwamen veel jongens uit de Venlose binnenstad. Eigenlijk was daar altijd wel iets te doen: tafeltennissen, handwerken en op zondagavond was het na acht uur de plek waar iets oudere tieners bij elkaar kwamen. Wat wij daar deden? Praten en biljarten. Nee, bier werd daar nog niet geschonken. Toen wij iets ouder waren, gingen we na die avonden in de Jongensclub stiekem twee biertjes drinken bij Braem op de Straelseweg.” Wat betreft Jocus Toekoms; daar behoorde Van Hoften met Jan Pollux tot de mensen van het eerste uur. “In 1951 was ik adjudant toen Jan Prins was. Wij maakten onze mutsen van karton en nieten die vervolgens aan elkaar. LVF_081520150001Bij het 33-jarig bestaan van de vereniging zijn we met die groep nog een keer bij elkaar gekomen en werden er weer mutsen van karton gemaakt. Het was fantastisch om toen iedereen weer te zien.”

Biljart en muziek

Direct na zijn middelbare schooltijd moest Van Hoften noodgedwongen een baantje zoeken. Zijn ouders hadden het niet breed en alle inkomen was welkom. “Ik verdiende 60 gulden bruto in de maand. In augustus werd 3 % vakantiegeld uitbetaald. Ik dacht zo rijk te zijn dat ik de hele Parade wilde kopen,” zo kijkt Van Hoften nu lachend op die periode terug. Dankzij zijn eerste salaris was er meer ruimte om eens naar het café te gaan om te biljarten. “Ja, dan deden wij Stöpke stoëte. Er lag dan een dobbelsteen op de biljartbal. Veel wilder werd het bij ons echt niet. Een populaire zaak in die tijd was Astoria op het Vleesplein. Nee, ik kwam daar niet. Dat was meer een café voor oudere jongens van 18-19 jaar. Ik weet wel dat de vaste klanten hun eigen bierglas aan het plafond hadden hangen.” Van Hoften zocht het vertier als muziekliefhebber bij de City Bar. “Na afloop van de film maakte Giel Aerts daar muziek op zijn accordeon. Dat deed hij samen met Wiesje Caron; zij speelde viool en Theo Kret zat _MG_0004-1achter de drums. Nee van rock ’n roll muziek was toen nog geen sprake. Het was allemaal veel rustiger en netter. Vaak waren het Duitstalige of Nederlandse liedjes van bijvoorbeeld Willy Alberti.”

Stapavonden

De stapavonden vonden volgens Van Hoften vooral op zondagavond plaats. “We begonnen op tijd; al rond acht uur. Behalve bij de City Bar was ik ook bij Trocadero op de Parade te vinden. Daar speelde regelmatig het Theo Gramser orkest uit Siebengewald en werd er door diverse mensen gedanst. Verder gebeurde er weinig spannends. We zaten met een groepje aan tafel te praten en er werd veel gelachen. Nee aparte types waren in Venlo niet te vinden. Wij droegen gewone kleren die toen modern waren. De chique jongens droegen een stropdas, de anderen gewoon een shirt of een spencer.” Nostalgiegevoelens over typische jaren 50 kenmerken als vetkuifen, stijlvolle auto’s of rock ’n roll muziek heeft Van Hoften dan ook niet. “Er was sowieso nog geen TV. De radio stond aan en zoals gezegd, daarop was vooral brave muziek te beluisteren; Nederlandstalige liedjes. Wij kregen pas in de jaren zestig een TV.”

Schölkskesaovend

Op 17-jarige leeftijd startte voor Van Hoften zijn periode in dienst. In eerste instantie gewoon in Venlo. “Ja, zelfs in mijn eigen stad mocht ik maar één keer in de week naar huis. Op zaterdag sliep ik uit en op zondag gingen we naar de Kraal naar VVV kijken. Op zondagavond moesten wij ons alweer verplicht op de kazerne melden.” Na zijn diensttijd ontmoette Van Hoften zijn huidige vrouw Bep. “Nee, ik zag haar niet iedere dag. Zij werkte bij het tuindersbedrijf van haar ouders en dus was het wachten op woensdagavond: Schölkskesaovend, de avond dat stelletjes elkaar opzochten. Ik hoefde het echt niet in mijn hoofd te halen als ik op andere avonden in de buurt was om bij haar thuis aan te bellen; dat was echt not done. Haar ouders vroegen dan: wat kumps dich doon? Maar het had geen invloed op onze relatie. Dat was toen heel normaal. Anno 2015 is zij nog steeds mijn vrouw.”

[su_spacer size=”20″]

Fotografie: Leon Vrijdag
Tekst: Rob Buchholz

[su_spacer size=”10″]

  1. Mieke Peters Reply

    Leuk verhaal om aan de ouderen (mijn werk) voor te lezen.

Plaats een reactie

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.